Dossiers > RijnGouweLijn

 

 
             
 

Dossiers

 

De RijnGouweLijn

Indrukken van de lightrail

Leden van de reizigeradviesraad voor het openbaar vervoer (ROVH) maakten tweemaal kennis met de nieuwe lightrail tram-treinen.

Het open huis van de Rijn-Gouwe lijn op het station van Leiden was een beperkt succes.

De gemeente Leiden en het projectbureau Rijn-Gouwe-Lijn (RGL) organiseerden een open dag op het Centraal Station van Leiden. Ook de reizigersorganisatie Rover was aanwezig. Trekker op perron 1 was het zgn. light-rail voertuig, een combinatie van een trein en tramstel, dat nu al rijdt tussen Alphen en Gouda en dat in de toekomst misschien ook door Leiden zal rijden. Helaas was het door de automatische treinbeveiliging niet toegestaan met het treinstel proef te rijden. In de hal was er verder nog een attractie: de mogelijkheid om foto's te maken en daarmee een trip naar Parijs te winnen.

Vooral de eerste uren was het bezoek minder dan verwacht. Voor de medewerkers was er dus ruim gelegenheid met iedereen te praten. Er liepen wel regelmatig mensen binnen, maar het betrof vooral mensen, die als hobby geïnteresseerd zijn in treinen en trams. Ook veel ouderen, die zich de trams in de Breestraat nog herinneren, kwamen een kijkje nemen. De open dag in Alphen een aantal maanden terug werd duidelijk beter bezocht. De nieuwe tram/trein stond nu weliswaar opvallend aan perron 1 van het station, maar dat bleek voor de mensen, die op trein of bus stonden te wachten, toch te ver weg, om even langs te lopen.

De meeste van de bezoekers waren onder de indruk van de moderne, ruime tram en waren tevreden over het zitcomfort. In het algemeen was men voor de terugkeer van de trams in de stad. De meeste mensen gaven als grootste nadeel de rails: voor fietsers kan het gevaarlijk zijn, zoals veel mensen zich nog herinnerden. Maar ook de tegenwoordige 60 bussen per uur in de Breestraat worden als gevaarlijk en lastig ervaren. Het idee van de Breestraat zonder bussen wordt dan ook gewaardeerd. Verder werd natuurlijk regelmatig aan de medewerkers gevraagd hoe groot de kans is, met de huidige regering, dat de financiering van het werk doorgaat. Opvallend is dat niemand vraagt naar de aansluiting in de toekomst van het busnet op de tramlijn. Overstappen op het station zal voor velen dan nodig zijn, maar het lijkt alsof de meeste reizigers zich dit nog niet realiseren. Geconcludeerd kan worden dat de belangstelling voor de Rijn-Gouwe-Lijn in Leiden wat tegenviel en dat vooral de "gemiddelde" stadsbewoner niet massaal op de stoep stond. Of voor deze mensen de RGL ook leeft is dus niet duidelijk geworden. Daarom zijn de positieve geluiden van de zeer geïnteresseerde bezoekers van de open dag zeker niet maatgevend voor de gevoelens van de inwoners van Leiden over de tram in de stad.

In maart 2003 start als proef een lightrail-project op het traject Gouda-Alphen aan den Rijn.
 

Proviciale bestuurder Norder verrichtte de opening.

De nadruk van de RLOV (Reizigersadviesraad Leiden en Omgeving voor het Openbaar Vervoer) bij de RGL ligt natuurlijk op het tracé in Leiden en omgeving. Maar dat neemt niet weg dat er belangstelling is voor de voorzichtige start van de RGL, binnenkort op het traject van Alphen aan de Rijn naar Gouda. Op dat traject wordt sinds maart voor het eerst in Nederland gebruik gemaakt op het bestaande spoor van light rail, een tussenvorm tussen trein- en tramstellen, uitstekend geschikt voor kortere afstanden in dicht bevolkte gebieden. In de toekomst zullen deze voertuigen waarschijnlijk ook door Leiden rijden. Light rail wordt al op veel plaatsen in het buitenland gebruikt, vooral in Duitsland en Frankrijk. De hier gebruikte treinstellen worden gemaakt door het Canadese Bombardier en zijn al in gebruik in Stockholm. Maar daar rijden ze in de directe omgeving en niet door de binnenstad.

Belangrijke onderwerpen van de RLOV in het kader van de RGL zijn veiligheid en comfort. De keuze van het materieel is hiervoor essentieel. Daarom is een afvaardiging van de RLOV gaan kijken bij de open dag van het nieuwe lightrail-materiaal in Alphen. De eerste indruk is positief: de wagons zien er goed uit en de zitplaatsen zijn comfortabel en ruim. De trein doet denken aan de nieuwe trams in Amsterdam, maar is aanzienlijk korter en ook breder, geschikt voor maximaal ongeveer 180 mensen. De deuren zijn breed en laag, geschikt voor mensen, die slecht ter been zijn en kinderwagens in het stadsgebruik. Maar omdat treinperrons meestal hoger zijn dan tramhaltes, moeten er langs de huidige lijn aparte lagere perrons worden aangelegd. Helaas was het niet mogelijk een proefrit te maken, zodat de RLOV leden geen indruk van het rijcomfort konden krijgen. Voor het eindoordeel is het rijcomfort natuurlijk essentieel.
De treinstellen worden in gebruik genomen in de gewone NS dienstregeling, als de veiligheidskeuringen afgerond zijn. Maar het zal nog een aantal jaren duren, voordat ze ook in de Breestraat te zien zijn.
(Leids Nieuwsblad, 4 maart 2003).


RijnGouweLijn (1e advies)

Aan de gemeente Leiden,

t.a.v. mw. H. Noordhof
Postbus 9100
2300 PC Leiden

Leiden, 15 november 2001

Commentaar en vragen van de RLOV op de plannen voor de RijnGouweLijn. De Reizigersadviesraad voor Leiden en Omstreken voor het Openbaar Vervoer staat positief kritisch tegenover de plannen zoals ze thans zijn uitgewerkt en worden gepresenteerd. Aan de ene kant is het van het grootste belang dat er nu snel begonnen wordt met een substantiële verbetering van het openbaar vervoer in oost - west richting in het noordelijk gedeelte van Zuid Holland, aan de andere kant roepen de plannen ook een aantal vragen op. Vragen die eerst op een bevredigende manier moeten worden beantwoord voor de volgende stap kan worden gezet.

Weliswaar is momenteel slechts het voorkeurstracé door Leiden aan de orde, maar we veroorloven ons toch een aantal opmerkingen te maken en vragen te stellen die ook betrekking hebben op andere delen van het tracé of andere aspecten van de nieuwe sneltramverbinding. Immers in zo'n project hangt alles met alles samen en is het van het grootste belang in een zo vroeg mogelijk stadium met alle mogelijke aspecten rekening te kunnen houden.

Railinfrastructuur
We gaan er vanuit dat Leiden CS - Alphen aan den Rijn eindelijk integraal van dubbelspoor wordt voorzien om voldoende capaciteit op deze lijn te krijgen voor een gemeenschappelijk gebruik van de NS - trein en de RGL. Dat is ook absoluut noodzakelijk om de storingsgevoeligheid tot een minimum te beperken. Wellicht zijn extra passeersporen voor de RGL nodig op de haltes tussen Leiden Lammenschans en Alphen aan den Rijn. Ook het gedeelte Alphen aan den Rijn - Woerden komt voor dubbelspoor in aanmerking. Immers een veel drukker traject Leiden - Alphen zal de regelmaat tussen Alphen en Woerden nog vaker verstoren dan nu al het geval is. Tussen Alphen aan den Rijn en Gouda zullen naar onze inschatting meer plaatsen moeten komen waar de treinstellen van de RGL elkaar kunnen passeren om te voorkomen dat vertragingen elkaar gaan versterken. Ook zal op meerder plekken materieel moeten kunnen keren en / of in reserve kunnen worden gehouden om te kunnen worden ingezet in het geval van materiaalpech of na ongevallen om te voorkomen dat in zulke gevallen de verbinding over de gehele lengte uitvalt.

Materieel
Het vervoer van rolstoelen, fietsen, kinderwagens en dergelijke moet op een soepele manier mogelijk zijn. Voertuigen moeten goed vastgezet kunnen worden. Rolstoelgebruikers moeten niet alleen maar op het bagagebalkon terechtkunnen, er dient voldoende ruimte te zijn voor begeleiders om te zitten en aan de kwaliteit van de ruimte moet voldoende zorg worden besteed.

Haltes
Bij haltes van 30 cm boven het wegdek moet er een goede hellingbaan aanwezig te zijn voor rolstoelen en kinderwagens. Haltes moeten ook voor reizigers met deze vervoermiddelen goed bereikbaar te zijn. Bij de halte moet aangegeven worden waar men in dat geval dient in te stappen.

.Kaartverkoop. Het is nu nog niet te voorzien hoe te zijner tijd de kaartverkoop in Nederland geregeld zal zijn. Met andere woorden of de strippenkaart daadwerkelijk vervangen zal zijn door een multifunctionele chipkaart. Als dat het geval is, dan betekent dat een revolutie op het gebied van de kaartverkoop. Dan zal men overal voorzieningen moeten treffen voor buitenlanders, voor personen met een lichamelijke of verstandelijke handicap, etc. Dat geldt uiteraard ook voor de RGL.

Stations
Om een snelle overstap mogelijk te maken tussen de NS treinen en de RGL dient de afstand tussen perrons bij Leiden Lammenschans en Alphen aan den Rijn zo klein mogelijk gehouden te worden. Een halte bij de Burgemeester Smeetsweg (Heineken) achten wij van belang voor de beperking van het gemotoriseerde woon-werkverkeer..Dienstregeling.We vragen ons af wat de effecten van 4 sneltrams per uur in beide richtingen zullen zijn op een frequentie van 4 treinen per uur van en naar Utrecht (waarvan 2 stoptreinen en 2 sneltreinen). We hebben ook enige zorg over de effecten van RGL op het gedeelte Alphen - Utrecht. Wij achten het van groot belang dat de NS - treinen op Leiden - Lammenschans blijven stoppen.Zal de storingsgevoeligheid van het hele systeem niet te groot zijn? Er moet voldoende rek in de dienstregeling zitten voor de opvang van verstoringen ten gevolge van bijvoorbeeld het laden en lossen in de Breestraat, oponthoud door het drukke verkeer tijdens de spits, etc. Denkt men tussen de reguliere dienst Leiden - Alphen aan den Rijn, acht extra ritten per uur - in beide richtingen - te kunnen rijden door de stad, van Leiden - Lammenschans naar het transferium en vice versa?.Lijnvoering.Een goede lijnvoering dient gebaseerd te zijn op een gedegen herkomst- en bestemmingsonderzoek. Als men tot de conclusie komt dat er in de Breestraat geen bussen kunnen blijven rijden (wèl de goed functionerende parkeerbusjes?), dan betekent dat met het huidige buslijnennet voor heel veel reizigers in de Leidse regio in elk geval een extra overstap. Tal van verbindingen, met name die van de Leidse buitenwijken, Leiderdorp, Oegstgeest en Voorschoten naar de binnenstad zullen in dat geval in kwaliteit ernstig achteruit gaan. Eigenlijk komt het er op neer dat een compleet nieuw buslijnennet moet worden ontwikkeld waarbij de hoogfrequente sneltramverbinding een heel belangrijke as is en de busstations bij Leiden - centraal en Leiden Lammenschans een prominente rol te vervullen krijgen. Daarbij zal op zijn minst onderzocht moeten worden of indien nodig enkele buslijnen door de Breestraat kunnen blijven rijden. In elk geval dient duidelijk te worden wat het effect op het busvervoer in de regio is wanneer alle of een gedeelte van de bussen niet langer door de Breestraat kunnen blijven rijden. Daar tegenover staat dat andere interwijkse en regionale verbindingen wellicht daardoor kansrijker worden. Het moet beoordeelbaar worden in welke richtingen hoeveel passagiers er minder te verwachten zijn door de onvermijdelijke extra overstap.Een apart punt van zorg is de bevoorrading van de winkels langs het tracé..Of de sneltram bij de variant door de stad in 't midden van de Lammenschansweg of aan de zijkant moet worden geleid, achten wij een keuze die vooral moet worden gemaakt op basis van overwegingen betreffende de verkeersveiligheid. Veel bewoners van de wijken rondom deze drukke verkeersader maken zich hier zorgen over.Bepaald een probleem zien we ontstaan in de Steenstraat. Het lijkt onvermijdelijk om daar een aantal buslijnen door heen te laten rijden. Dat heeft flinke consequenties voor de winkeliers daar ter plaatse. .Het heeft onze zeer sterke voorkeur om de RGL vóór langs het LUMC te laten rijden met een halte aldaar. We begrijpen de bezwaren van de ziekenhuisdirectie tegen dit voornemen niet goed. Er komen dagelijks duizenden werkers, patiënten studenten en bezoekers in het LUMC. Een optimale verbinding met de regio door middel van het nabij gelegen busstation, het NS-station en een regionale sneltram richting Katwijk en Noordwijk is zowel gezien vanuit het standpunt van de reizigers als uit exploitatieve overwegingen van eminent belang. Gezien het feit dat de verbinding door de Joop Walenkamptunnel ook in het bestemmingsplan is opgenomen, lijken er ook geen formele bezwaren meer tegen ingebracht te kunnen worden, mits er voor een veilige oversteek voor voetgangers, rolstoelgebruikers, taxipassagiers, etc. wordt gezorgd. Dat de grond in handen van het LUMC (of de UL) is, is een probleem dat oplosbaar is. .In het geval de RGL door de Leidse binnenstad komt te lopen zal het absoluut noodzakelijk zijn om bij het station Lammenschans een goed geoutilleerd busstation in te richten met goede loopverbindingen met dit station. .Indien er (wellicht voorlopig) gekozen wordt voor de variant buitenom, dus over het bestaande spoor langs het Van Gend en Loosterrein, dan is een (eind)halte ter hoogte van de Haagweg voordehandliggend. Een ander eindpunt op of nabij station Leiden - centraal lijkt moeilijk te vinden..Sociale veiligheid.De RLOV vindt het ter bevordering van de sociale veiligheid van het grootste belang dat er permanent een conducteur op RGL aanwezig is. Dat geldt eens te meer als er met twee gekoppelde tramstellen wordt gereden. Op elk tramstel dient minimaal één persoon, een bestuurder en / of een conducteur te zitten. Het lijkt ons ook van belang dat de bestuurderscabine afsluitbaar is en dat er in de zeer lange tramstellen cameratoezicht geïnstalleerd kan worden..Veiligheid fietsers en voetgangers.Grote aandacht zal gegeven moeten worden aan de veiligheid van fietsers en voetgangers. Wat de fietsers betreft geldt dat met name voor de plaatsen waar sprake is van gestrengeld spoor, zoals bij de hoek Breestraat - Kort Rapenburg en wellicht ook elders in de Steenstraat en in de Breestraat. Bij de drukste en belangrijkste oversteken zal een verkeerslichteninstallatie noodzakelijk zijn en overigens zal men zijn voordeel kunnen doen met de ervaringen die opgedaan zijn bij de Nieuwe Geinlijn en de sneltrams in Amsterdam en Amstelveen..Aantasting Groene Hart De aanleg van de RGL zal geen vrijbrief mogen vormen om voor een verdere aantasting van het Groene Hart, bijvoorbeeld ter hoogte van het kruispunt van de RGL en de A4...De RLOV is graag bereid tot het geven van een nadere toelichting, namens de stichting RLOV,

E. Meelis, voorzitter

cc. de Raden van de gemeenten Gouda, Boskoop, Waddinxveen, Alphen aan den Rijn, Rijnwoude, Zoeterwoude, Leiden, Oegstgeest, Valkenburg, Rijnsburg, Katwijk en Noordwijk,

het college van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland,

Projectbureau RijnGouweLijn,

de directie Zuid Holland van Rijkswaterstaat,

Railinfrabeheer

voor meer informatie: www.rijngouwelijn.nl

 

  Op deze pagina:

Indrukken van de lightrail
RijnGouweLijn (eerste advies)