Dossiers > Coalitie tegen teloorgang van het openbaar vervoer

 

 
             
 

Dossiers

  Zes maatschappelijke organisaties roepen politiek op om in te grijpen

Coalitie tegen teloorgang van het openbaar vervoer

De Consumentenbond, Stichting Natuur & Milieu, ROVER, ANWB, Coördinatieorgaan Samenwerkende Ouderenorganisaties (CSO) en Chronisch zieken en Gehandicapten Raad (CG-Raad) roepen in een gezamenlijk manifest de politiek op om de afkalving van het openbaar vervoer tegen te gaan. Zij zijn zeer verontrust over de ontwikkelingen in het spoor-, stads- en streekvervoer en vragen de politiek om nu écht met concrete maatregelen te komen. Het nieuwe regeerakkoord biedt daarvoor een uitgelezen kans.

Het gaat dramatisch slecht met het openbaar vervoer in Nederland. Het aantal uitgevallen en vertraagde treinen heeft een dieptepunt bereikt, mensen worden in overvolle treinen als vee vervoerd, het dienstenaanbod van de NS wordt steeds verder uitgehold, buslijnen worden opgeheven, de prijs van het treinkaartje en de strippenkaart gaan fors omhoog, mensen voelen zich onveilig, etc. Reizigers haken (noodgedwongen) af.

Uit een enquête van de Consumentenbond blijkt dat driekwart van de Nederlandse bevolking vindt dat je als spoorreiziger geen 'waar voor je geld' krijgt bij de NS. 70% vindt dat de prijs van het treinkaartje niet of maximaal met de inflatie mag stijgen. Negen van de tien mensen vindt dat de overheid meer geld in het openbaar vervoer moet steken om het betrouwbaarder en veiliger te maken.

De Consumentenbond, Stichting Natuur & Milieu, ROVER, ANWB, CSO en CG Raad hebben een brede coalitie gevormd om de politiek op te roepen de teloorgang van het openbaar vervoer een halt toe te roepen. De maatschappelijke organisaties vragen in een manifest de politiek onder andere om meer te investeren in het openbaar vervoer, te zorgen dat de prijs van het kaartje niet omhoog gaat zolang de kwaliteit niet is verbeterd, en een nieuwe visie te ontwikkelen op de rol van de overheid, die een veel sterkere regiefunctie zou moeten hebben. Ze dagen de politieke partijen uit om deze oproep om te zetten in concrete maatregelen.

Het manifest is te vinden op de websites van de betrokken organisaties. Op de website van de Consumentenbond hebben de zes deelnemers aan de coalitie een forum geopend, waar politici met het publiek in discussie gaan over de concrete overheidsacties die nodig zijn om invulling te geven aan de oproep uit het manifest. De coalitie zal het nieuwe regeerakkoord toetsen aan de beloftes van de politici.

18 december 2002


MANIFEST ‘Tegen teloorgang van het openbaar vervoer'

Geachte dames, heren politici,

Consumentenbond, ROVER, ANWB, Stichting Natuur en Milieu, het Coördinatieorgaan Samenwerkende Ouderenorganisaties en de Chronisch Zieken en Gehandicapten Raad roepen politici op om een eind te maken aan de afbraak van het openbaar vervoer.

Deze brede coalitie van maatschappelijke organisaties heeft elkaar gevonden in een gedeelde zorg over de toekomst van het openbaar vervoer. De door de demissionaire Minister van Verkeer & Waterstaat voorgestelde ombuigingen zijn weliswaar enigszins teruggedraaid maar de problemen zijn daarmee bij lange na niet opgelost.
De politiek heeft, in het zicht van 22 januari 2003, de mogelijkheid om er voor te zorgen dat de reiziger in de komende 4 jaar en de jaren daarna reële keuzevrijheid heeft wanneer hij zich wil verplaatsen, zodat het openbaar vervoer een bijdrage kan leveren aan het oplossen van de bereikbaarheidsproblematiek. We vragen daarom van politici te beloven dat de overheid meer gaat investeren in het openbaar vervoer, dat de prijs van het kaartje niet omhoog gaat en dat de overheid een sterkere regiefunctie oppakt.

De genoemde organisaties uiten in deze brief enerzijds hun zorgen over de situatie en geven in bijgaand manifest aan waar het openbaar vervoer aan moet voldoen wil het een volwaardige positie in het mobiliteitsbeleid innemen.
Woensdag 18 december rond het middaguur openen de 6 maatschappelijke organisaties een gezamenlijk digitaal forum waarin politici kunnen aangeven welke concrete maatregelen de overheid zou moeten nemen om invulling te geven aan de 10 kwaliteitseisen. Wij vragen u om hieraan een bijdrage te leveren.

Verslechtering van het openbaar vervoer, bedreigingen voor de reiziger

De bereikbaarheid in het gedrang

Jarenlang is er met de kaasschaaf bezuinigd op het stads- en streekvervoer. Inmiddels is het bedieningsniveau tot een zodanig minimum gedaald dat verdere beperkingen op de exploitatie een rechtstreekse bedreiging vormen voor de toegang tot het openbaar vervoer, met name op het platteland. Grote groepen reizigers dreigen definitief de bus te gaan missen. Dit is extra wrang omdat een goed stads- en streekvervoer extra reizigers voor het spoorvervoer oplevert.
Door de capaciteitsproblemen op het spoorwegnet, met als gevolg overvolle treinen, kunnen in de spits veel reizigers in feite geen gebruik maken van de trein. Deze situatie is nu al kritiek, laat staan bij een groeiende mobiliteit.

Geen waar voor je geld

Afnemende betrouwbaarheid, geschrapte treinen en nooddienstregelingen, gemiste aansluitingen, gebrek aan zitplaatsen, sociale onveiligheid, vieze interieurs en een slechte informatievoorziening zorgen er voor dat het openbaar vervoer een slechte naam heeft. Daarnaast is het openbaar vervoer gezien de geleverde kwaliteit veel te duur. De door NS aangekondigde prijsverhogingen en de tariefstijging van de strippenkaart staan in geen verhouding tot de geleverde kwaliteit en plaatsen het openbaar vervoer in een ongunstige concurrentiepositie ten opzichte van andere vervoermiddelen. Uit een telefonische enquête van de Consumentenbond blijkt dat de Nederlandse bevolking vindt dat je geen 'waar voor je geld' krijgt bij de NS. Bijna 70% vindt dat men minder terugkrijgt dan waarvoor men betaalt. Negen van de tien mensen vindt dat de overheid meer geld in het openbaar vervoer moet steken om het veiliger en een goed en betaalbaar alternatief voor de auto te maken.

Ontbrekende visie en regie

In het huidige overheidsbeleid ontbreekt een adequate visie op de (minimum) kwaliteit die een vervoerder moet bieden en ontbreekt het aan echte aansturing en afstemming.
Tot nu toe worden normen voor bedieningsniveau, punctualiteit, groei van het aanbod, aansluitingen en (sociale) veiligheid door de overheid vastgesteld op basis van wat aanbieders zelf zeggen te kunnen leveren (NS) of worden deze normen overgelaten aan concessieverleners in het stads- en streekvervoer. Tegelijkertijd wordt het stads- en streekvervoer gekort in de exploitatiebijdrage, zodat ofwel de tarieven omhoog moeten of gesneden moet worden op de exploitatie.
In een adequate visie dient er afstemming te zijn tussen de verschillende concessiegebieden, zodat gegarandeerd wordt dat vervoerssystemen en dienstregelingen beter op elkaar aansluiten. Ook moet er betere aansturing zijn op kwaliteit, toegankelijkheid en veiligheid. Bijvoorbeeld als het gaat om het introduceren van een landelijke chipkaart, die inzicht biedt in reizigersstromen en de bekostiging van het stads- en streekvervoer en daarnaast ook ingezet kan worden tegen sociale onveiligheid. Ook tariefdifferentiatie en dienstverlening op maat moeten mogelijk worden gemaakt.

Wat wij vragen van de politiek

Met de verkiezingen in aantocht vragen wij van politici een daadwerkelijke verbetering en uitbreiding van het openbaar vervoer. Het nieuw op te stellen regeerakkoord biedt de mogelijkheid om fouten uit het verleden te herstellen. De samenwerkende reizigers- en milieuorganisaties hebben ter voorbereiding hiervan een manifest opgesteld, waarin kwaliteitseisen zijn vastgelegd voor het openbaar vervoer. Wij dagen politici uit om kleur te bekennen. Wij weten dat het openbaar vervoer reeds lang op de politieke agenda staat en dat reizigers op talloze manieren uiting hebben gegeven aan hun onvrede. Het is hoog tijd dat maatregelen worden genomen om eindelijk aan de eisen van de reiziger tegemoet te komen. Wij vragen dan ook aan politici om zich sterk te maken voor de dringende maatregelen die in dit plan zijn opgenomen.

Manifest kwaliteitseisen openbaar vervoer

In dit gezamenlijk manifest presenteren de Consumentenbond, ROVER, ANWB, Stichting Natuur en Milieu, het Coördinatieorgaan Samenwerkende Ouderenorganisaties en de Chronisch Zieken en Gehandicapten Raad 10 kwaliteitseisen waaraan met de hoogste prioriteit moet worden voldaan om de schrijnende situatie binnen het openbaar vervoer aan te pakken.

1. Voldoende capaciteit bieden

Nederland is geen onder-ontwikkeld land. Toch gebeurt het dagelijks dat reizigers als haringen in een ton worden vervoerd of zelfs moeten achterblijven op de halte of het perron. Die achterstand moet worden ingelopen; het aanbod moet beter aan de vraag en behoeften van reizigers worden aangepast. Een verdere vergroting van de capaciteit is nodig om de groei van de mobiliteit op te vangen, zonder dat leefbaarheid en milieu daarvan het slachtoffer worden. Deze noodzaak bestaat niet alleen in de Randstad maar ook elders, bijvoorbeeld in Brabant, in de regio Arnhem/ Nijmegen en rond de stad Groningen. Dit betekent tevens voor het spoor: geen goederentreinen op zwaarbelaste trajecten op drukke tijdstippen.
Op het platteland worden steeds meer busdiensten opgeheven en wordt het vervoer overgelaten aan onregelmatig rijdende lokale initiatieven, zoals de buurtbus die vaak afhankelijk is van vrijwilligers. De norm bij de aanbesteding van stads- en streekvervoer lijkt alleen te zijn: wie kan het vervoer het goedkoopst mogelijk aanbieden. Verdere regie op bijvoorbeeld capaciteitsgroei wordt niet gevoerd.

2. Weer betrouwbaar worden

Wie het openbaar vervoer neemt, moet erop kunnen rekenen dat hij op tijd aankomt. Nog niet eens zo lang geleden wás dat ook zo. Daarna is er met de spoorwegen van alles misgegaan. Er moet dan ook fors worden ingezet op duidelijke en werkzame verhoudingen tussen het Rijk, de NS en de railinfrabeheerder. Er moet met spoed extra geld komen voor de railinfrastructuur, niet alleen ten behoeve van achterstallig onderhoud maar ook om de storingsgevoeligheid te verminderen. Ook het stads- en streekvervoer moet betrouwbaarder worden. Trams en bussen dienen een aantrekkelijk alternatief te vormen voor het autoverkeer in de stedelijke en verstedelijkte gebieden. Als stok achter de deur moet er een algemene wettelijke schadeloosstelling komen voor reizigers die vertraagd zijn.

3. Ruim comfort bieden

Reizigers betalen niet slechts voor vervoer, maar ook voor comfortabel vervoer, dus voor een zitplaats. Staan is alleen acceptabel voor korte tijd in de spits. Aan het comfort van de vervoermiddelen kan in een aantal gevallen nog veel worden verbeterd, bijvoorbeeld wat de beenruimte betreft. Maar ook stations en haltes moeten comfortabeler worden; dit zijn immers de minst gewaardeerde onderdelen van het reizen per openbaar vervoer. Overstappunten ­ ook op andere wijzen van vervoer ­ verdienen hierbij bijzondere aandacht.

4. Altijd veilig zijn

Reizigers moeten zich veilig voelen: onderweg, op het station of de halte en op weg daar naartoe. Technologische oplossingen, zoals camera¹s en toegangspoortjes, helpen daarbij maar ten dele. Menselijk toezicht is zeer belangrijk. Dat moet zo veel mogelijk worden gecombineerd met service. De conducteur moet terug in de trein en de tram. Andere voorwaarde is dat het openbaar vervoer schoon moet zijn, zodat het een prettige omgeving is voor mensen om te verblijven. In bijna alle grote steden worden grote stations als onveilig ervaren. Het wordt tijd dat er maatregelen worden genomen. De voortdurende strijd over verantwoordelijkheden en bevoegdheden tussen lokale overheden, politie en de NS moet worden opgelost.

5. Ketenvervoer

Mensen maken van meerdere vervoermiddelen gebruik tijdens hun verplaatsing van A naar B. Tot nu toe worden auto, openbaar vervoer en fiets nog sterk als aparte vervoermiddelen beschouwd zowel bij beleidsmakers als vervoerbedrijven. Dit geeft problemen waarvan de reiziger de dupe is; bijvoorbeeld te weinig parkeerfaciliteiten bij stations, geen mogelijkheden van goed natransport en het ontbreken van goede informatie. Visie op mobiliteit betekent ook visie op ketenvervoer en regie op de uitvoering. Reizigers moeten kunnen kiezen om meerdere vervoersoorten te kunnen gebruiken om de bestemming te bereiken. Verschillende vormen van vervoer ­ fiets, openbaar vervoer en (trein)taxi - moeten goed op elkaar aansluiten. De fiets moet in de trein kunnen worden meegenomen of bij het station veilig worden gestald. Ook moet er parkeergelegenheid zijn bij stations en moeten openbaar vervoer en (trein)taxi's voldoende aanwezig zijn.

6. Gebruiksgemak

De verbindingen moeten een samenhangend en inzichtelijk netwerk vormen. De dienstregelingen van de verschillende vervoerders dienen helder en zoveel mogelijk uniform te zijn; de reiziger moet niet lastig worden gevallen met allerlei uitzonderingen en onnodige plaatselijke verschillen. Het tarief mag geen doolhof worden en het betaalgemak dient te worden verbeterd door de invoering van de chipcard. Vooral bij vertragingen moet de informatie sterk worden verbeterd. Doorgaande verbindingen mogen niet worden geknipt omdat ze toevallig in verschillende concessiegebieden komen te vallen.

7. Prijs en kwaliteit

Wil het openbaar vervoer een aantrekkelijk alternatief vormen voor het gebruik van de auto, dan moet de prijsontwikkeling niet in ongunstige zin uit de pas gaan lopen. Openbaar vervoer is schoner dan autovervoer. De reiziger betaalt weliswaar slechts een deel van de maatschappelijke kosten van het openbaar vervoer, maar de maatschappelijke opbrengsten (leefbaarheid, milieu, verkeersveiligheid) komen aan een veel groter aantal burgers ten goede. Ook moet openbaar vervoer betaalbaar blijven voor mensen die erop zijn aangewezen.

8. Beschikbaar zijn

Het stads- en streekvervoer kalft gestaag af doordat de Rijksoverheid jaar in, jaar uit bezuinigt op de exploitatiesubsidies. Daardoor blijven steeds meer reizigers weg, waarna het snoeimes er opnieuw overheen gaat. Die neergaande spiraal moet doorbroken worden, anders verliezen steeds grotere groepen mensen hun vervoersmogelijkheid, of worden zij gedwongen te kiezen voor milieuonvriendelijke alternatieven. Het openbaar wint aan aantrekkelijkheid door goede mogelijkheden om met voor- en natransport van deur tot deur te komen. Er moet dus niet worden beknibbeld op treintaxi, fietsenstallingen of P+R-voorzieningen. Daarnaast moet het openbaar vervoer ook van meet af aan beschikbaar zijn op nieuwbouwlocaties. Vinex-wijken zouden alleen nog maar mogen worden ontwikkeld als er garanties zijn voor een tijdige openbaarvervoerontsluiting van voldoende kwaliteit.

9. Toegankelijk zijn

Iedereen, ook de reiziger met een functie-beperking, moet zelfstandig met het openbaar vervoer kunnen reizen. Dat betekent goede toegang tot stations en perrons, goed werkende liften op stations, goed toegankelijke treinen, bussen, trams en metro's. Niet alle drempels zijn snel te effenen, maar hiervoor moeten wel harde afspraken worden gemaakt. Óók over de kosten die dit met zich meebrengt.
Ook de toegankelijkheid in de zin van lage tarieven moet gewaarborgd zijn.

10. De reiziger centraal stellen

Behoeften van klanten moeten in het openbaar vervoer centraal komen te staan. Het lijkt vanzelfsprekend, maar dat is het nog niet. Concessieverlener en concessiehouder bepalen nog steeds op dominante wijze de inhoud van het openbaar vervoer. In deze relatie zijn de belangen en behoeften van reizigers niet beslissend. In het traject van concessieverlening moeten aanvullende kwaliteitswaarborgen komen voor de inbreng van de reizigersstem.
Ook in het prestatiecontract met de NS komen de belangen van de reiziger niet genoeg naar voren en handhaaft de overheid de normen in het contract onvoldoende uit oogpunt van de belangen van de reiziger.

Oproep aan politici

Het ontbreekt de overheid aan een goede visie op het openbaar vervoer. Mobiliteit is van groot belang voor de hele samenleving, voor mens en economie. En dat belang zal alleen maar toenemen. De kwaliteit van zowel het vervoer als de bereikbaarheid zijn onder de maat. In de verzelfstandigingdrift lijkt ook het algemeen maatschappelijk belang te zijn geprivatiseerd: het is onduidelijk wat de visie is op het openbaar vervoer en als het gaat om het 'waar voor je geld' van de reiziger is de overheid de regie volledig kwijt.

De prijs-kwaliteitverhouding van het openbaar vervoer is slecht en wordt alleen maar slechter.

Het tegemoetkomen aan bovenstaande kwaliteitseisen is niet uitsluitend een kwestie van geld. Er dient een goede visie te zijn op mobiliteit en de rol van het openbaar vervoer daarin. De overheid moet de doelstellingen formuleren en de regie op de uitvoering beter ter hand nemen. In de visie op het openbaar vervoer moet worden onderkend dat goed openbaar vervoer onmisbaar is voor de samenleving. Die visie moet in de vorm van een groeitaakstelling terug te vinden zijn in het nieuwe Nationaal Verkeers- en Vervoersplan (NVVP).

Wij eisen een sterkere regiefunctie van het Rijk, niet als 'superwethouder' maar om de beleidsdoelstellingen ten aanzien van het openbaar vervoer te borgen. Wij verwachten een actievere en minder vrijblijvende opstelling van het Rijk, bijvoorbeeld bij het formuleren maar ook bewaken van taakstellingen en prestatienormen voor reizigersgroei, punctualiteit, bedrijfszekerheid infrastructuur en toegankelijkheid. Daarbij hoort ook een adequate structuur voor de aansturing van zowel de vervoerbedrijven als de onder verantwoordelijkheid van de overheid werkende taakorganisaties. Ander benodigd instrumentarium zijn voldoende wettelijke middelen voor handhaving van de taakstellingen en normen en een betere samenwerking tussen overheden, taakorganisaties en vervoerders. Daarnaast moet er meer aandacht komen voor productontwikkeling en innovatie in het openbaar vervoer. Zo is sociale veiligheid een onderwerp waarmee in andere landen innovatiever wordt omgegaan dan in Nederland.

Wij roepen politici op tot het daadwerkelijk verbeteren van het openbaar vervoer. Alleen door een goede visie en doortastende aanpak kan worden tegemoet gekomen aan de reiziger, het milieu, de mobiliteit en de economie en de verdere teloorgang van het openbaar vervoer worden tegengegaan.

18 december 2002

 

 

 

Op deze pagina:

Coalitie tegen teloorgang
Manifest

Download dit document als PDF